Mijn liefde voor reizen begon op mijn zeventiende, toen ik voor het eerst ging backpacken door Azië. Ik vond het helemaal geweldig en ging het jaar daarop weer. En het jaar daarop nog een keer. Ik vond het heerlijk om (alleen) te reizen, de wereld te ontdekken en nieuwe vrienden te maken. Ik heb hier veel van geleerd, ontzettend mooie ervaringen opgedaan en de leukste herinneringen gemaakt.

Ik ben steeds meer gaan reizen

Tegenwoordig reis ik nog meer. In 2016 heb ik zelfs 17 aantal landen bezocht! Dat zijn er onwijs veel in één jaar tijd. Ja, de afgelopen jaren heb ik zoveel nieuwe landen ontdekt, nieuwe keukens geproefd en nieuwe herinneringen gemaakt. Daar ben ik onwijs dankbaar voor. Dat ik dit kan combineren met mijn werk is geweldig. Ik vind reizen echt één van de mooiste, leukste en meest leerzame activiteiten ter wereld. Het maakt me oprecht gelukkig.

En toch ben ik tegenwoordig steeds minder op pad.

Waarom? Onder andere omdat het vele reizen me ook heeft uitgeput. Hoewel ik me dat wel helemaal voor lief kan nemen hoor. Al die nieuwe indrukken, de jetlags, het verplaatsen van plek naar plek, al die uren op vliegvelden en natuurlijk de uren in het vliegtuig zelf. Het hoort er nou eenmaal bij, dat vind ik nog niet eens zo erg. Nee, wat ik wél erg vind is dat  alles na een tijdje zo normaal wordt. Dat wat eigenlijk heel speciaal is, werd gewoon. Op een gegeven moment kijk je niet meer naar de zoveelste adembenemende zonsondergang. Je ziet de pracht niet meer in de zoveelste tempel of het zoveelste tropische eiland. Zelfs aan de lekkerste curry ooit begin je gewend te raken.

Ik zou niet fulltime willen reizen

Dit is waarom ik niet zo gauw fulltime zou willen reizen of überhaupt voor een langere tijd weg zou willen. Ik krijg veel de vraag waarom ik maar voor een weekje naar bestemming x vlieg. Nou, hierom dus. Ik vind het juist heel fijn om korte trips maken. Zo kan ik veel plekken van de wereld blijven zien maar ook lekker veel thuis zijn. Ik heb die ‘pauzes’ thuis nodig om even tot rust te komen. Zo kan ik mijn vakanties maar ook mijn thuis nog veel meer waarderen.

Amsterdam is mijn thuis, hier wonen mijn vrienden en familie. Ik vind het zo ontzettend fijn om na een vakantie weer thuis te komen en om iedereen weer te zien. Het leven hier in Nederland is ook zo slecht nog niet. We hebben het hier eigenlijk onwijs goed! Daarnaast is Amsterdam ook zo’n mooie stad, dat ben ik door het reizen ook nog meer gaan waarderen. Doordat ik in deze stad ben opgegroeid, het mijn dagelijkse beeld is, ik door de dag een beetje haast heb misschien en druk bezig ben met mijn eigen dingen, stond ik niet zo open om optimaal van deze stad te genieten. Het is alsof ik de pracht van Amsterdam niet echt kon zien. Tegenwoordig stel ik me daar veel meer voor open. Op de fiets vind ik het heerlijk om om me heen te kijken en te genieten van de stad. Gek eigenlijk, dat ik Amsterdam eerst moest verlaten om haar schoonheid écht te zien.

Toch merk ik ook dat ik niet te lang thuis kan zijn. Mijn drang naar avontuur en de wereld te ontdekken is te groot en daarom zal ik ook altijd blijven reizen, om vervolgens ook weer altijd thuis te komen. Thuis, bij mijn vrienden en familie. Zo behoud ik de magie van het reizen.

Hoe kijk jij hier tegen aan? Zou jij wel fulltime op reis willen?